Aanmelden

Gevaarlijke stoffen, het kader

Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die een mogelijk gevaar opleveren voor de veiligheid en gezondheid van werknemers. Voor de wet zijn onder andere van gevarenetiketten voorziene chemische producten, brandstoffen, aardgas en LPG gevaarlijke stoffen.

Een ongeval waarbij grote hoeveelheden van een bepaalde gevaarlijke stof vrijkomen, kan voor de omgeving levensbedreigend zijn. Maar ook het vrijkomen van een kleine hoeveelheid in een bedrijf kan tot (gezondheids)schade leiden. Het risico van de omgang met gevaarlijke stoffen op het werk is dat blootstelling niet altijd direct zichtbaar of merkbaar is. Gezondheidsklachten kunnen pas na jaren verschijnen (denk aan kanker als gevolg van blootstelling aan te hoge concentraties asbest). Daarnaast komen ook wel degelijk directe gevolgen voor de gezondheid voor. Het advies is dan ook: wees altijd op je hoede als je met gevaarlijke stoffen bezig bent. Zie ook bijlage 1 van de Themabrochure Gevaarlijke Stoffen.


Acute of chronische blootstelling

Blootstelling aan een bepaalde gevaarlijke stof heeft niet altijd direct een gevolg. Integendeel, de meeste reacties vinden pas na verloop van tijd plaats. Het meest sprekende voorbeeld uit de grafimedia branche bedrijfstak is het gebruik van oplosmiddelen (o.a. IPA in de offset , thinner in de zeefdruk en tolueen of ethanol in de diepdruk), dat Chronische Toxische Encephalopathie (CTE) kan veroorzaken, (vaak ook het Organisch Psycho Syndroom (OPS) of de 'schildersziekte' genoemd). Dit houdt in dat oplosmiddelen gaandeweg het zenuwstelsel aantasten, waardoor op latere leeftijd de volgende stoornissen kunnen optreden:

  • sneller last van vermoeidheid
  • concentratiestoornissen
  • geheugenverlies
  • persoonlijkheidsveranderingen

Bij de blootstelling aan stoffen treden 'huidaandoeningen' vaak sneller op de voorgrond. Denk maar aan de schilferige, uitgedroogde handen die je krijgt tijdens het gedurende langere tijd wassen van een drukpers zonder daarbij handschoenen te gebruiken. 

Vaak wordt verondersteld dat het gevaar van omgang met gevaarlijke stoffen wel meevalt. Maar het gevaar schuilt in een klein hoekje en eenmaal ontstane (zenuw)stoornissen zijn niet terug te draaien. Het komt zelfs voor dat (oud)werknemers de werkgever dan (financieel) aansprakelijk stellen. Denk maar aan de gevallen van kanker door blootstelling aan asbest of aan OPS.

Er bestaan drie hoofdcategorieën voor ‘gevaarlijk’:

  • acuut veiligheidsbedreigend - bijvoorbeeld brandbare stoffen of stoffen die een explosie kunnen veroorzaken
  • acuut toxisch - bijvoorbeeld stoffen die bedwelmen of verstikken
  • chronisch toxisch - bijvoorbeeld stoffen die op lange termijn schade aan luchtwegen, zenuwstelsel of de voortplantingsorganen veroorzaken.

Zie voor een verdere toelichting de Themabrochure Gevaarlijke Stoffen.


Alles over veiligheidsinformatiebladen

Bij het onderwerp gevaarlijke stoffen gaat het erom dat voldoende inzicht bestaat over de stoffen die in het bedrijf gebruikt worden, en dan met name de specifieke gevaarsaspecten ervan. Die informatie dient verstrekt te worden door de leverancier. Hij is verplicht om de juiste productinformatie te verstrekken, waarin stofspecifieke gegevens makkelijk terug te vinden moeten zijn.

De specifieke informatie is te vinden op de Veiligheidsinformatiebladen (kortweg VIB), (soms wordt ook de Engelse term, Material Safety Data Sheet MSDS gebruikt). Die VIB’s dienen binnen het bedrijf aanwezig en ook vindbaar te zijn. De meeste leveranciers binnen onze bedrijfstak zijn in staat dergelijke Veiligheidsinformatiebladen te verstrekken. In deze bladen zijn volgens een Europese richtlijn de specifieke stofgegevens in zestien categorieën onderverdeeld. Zie verder de Themabrochure Gevaarlijke Stoffen.

Directe informatie over de mate van schadelijkheid geven de gevarenetiketten. Deze prijken meestal in fel oranje vierkanten op de verpakking. Tegenwoordig zie je ook steeds vaker de ruitvormige gevarenetiketten. Naast de gevarenetiketten kennen we in de grafimediabranche ook de zogenaamde 'R- en S-zinnen', de 'Risk- en Safety-zinnen', als gevarenaanduiding. Deze 'Risico- en Veiligheidszinnen' zijn terug te vinden in de Veiligheidsinformatiebladen en staan soms ook bij het gevarenetiket op de verpakking. Ze geven meer achtergrondinformatie over de te nemen veiligheidsmaatregelen. Het is belangrijk om te weten dat er grafische hulpstoffen bestaan die niet zijn voorzien van een gevarenetiket maar waarvoor wel degelijk een aantal R- en S-zinnen gelden.

Om meer helderheid te creëren voor de gebruikers van (gevaarlijke) stoffen is REACH in het leven geroepen. REACH (zie ook paragraaf 1.3) zorgt er voor dat in elk VIB duidelijk omschreven staat hoe met de stof moet worden omgegaan en welke veiligheidsvoorschriften in acht moeten worden genomen.


Gevaarlijke stoffen en het wettelijk kader

Over de omgang met gevaarlijke stoffen bestaat veel internationale en Europese wet- en regelgeving. Binnen Nederland kennen we eveneens een keur aan voorschriften. De Arbowet geeft de rechten en plichten aan van zowel werkgever als werknemer op het gebied van arbeidsomstandigheden. De wet bepaalt dat werkgevers moeten zorgdragen voor een veilige werkomgeving en dat werknemers veilig moeten werken. Doen zich toch onveilige werksituaties voor, dan moeten werkgevers en werknemers de handen ineen slaan om op een verantwoorde wijze om te gaan met de aanwezige gevaren. Dit kan bereikt worden door het toepassen van de arbeidshygiënische strategie.

De Arbowet stelt: werkgevers moeten zorgen voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden van werknemers (volgens de stand van de wetenschap en kennis van professionals). Bij risico’s in het werk verlangt de Arbowet achtereenvolgens:

  • bronmaatregelen;
  • collectieve maatregelen;
  • individuele maatregelen;
  • persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM´s).

De maatregelen op de verschillende niveaus hebben nadrukkelijk een hiërarchische volgorde. De werkgever moet dus eerst de mogelijkheden op hoger niveau onderzoeken voordat besloten wordt tot maatregelen uit een lager niveau. Het is alleen toegestaan een niveau te verlagen als daar goede redenen voor zijn (technische, uitvoerende en economische redenen). Het is wel toegestaan verschillende maatregelen uit verschillende niveaus te combineren om de risico’s te verminderen.

In het Arbobesluit staan nadere regels voor werkgever en werknemers om arbeidsrisico's tegen te gaan. Daarnaast noemen ook andere wet- en regelgeving gevaarlijke stoffen. Enkele voorbeelden:

  • verpakkingseisen, productinformatie: Warenwet, Tabakswet, Bestrijdingsmiddelenwet, Wet op geneesmiddelenvoorziening, Diergeneesmiddelenwet, REACH, ADR. GHS;
  • milieuvoorschriften: Wet Milieubeheer, Activiteitenbesluit, REACH;
  • brandpreventie: Arbowet, Woningwet, Bouwbesluit, Brandweerwet;
  • calamiteitenpreventie: Arbowet, Wet rampen en zware ongevallen;
  • vervoer: Arbowet, Burgerlijk Wetboek 8, Wet vervoer gevaarlijke stoffen, REACH.

De Arbeidsinspectie en de Milieu-inspectie zien toe op naleving van deze wet- en regelgeving.

REACH

De Europese stoffenregelgeving, ofwel Registratie en Evaluatie van en Autorisatie en beperkingen ten aanzien van CHemische stoffen REACH, verplicht producenten (en leveranciers) op basis van informatie over eigenschappen en het gebruik de blootstelling en risico’s van stoffen in kaart brengen. Iedereen die beroepshalve chemische stoffen of preparaten produceert, in de EU importeert, distribueert of gebruikt, heeft met REACH te maken. Binnen REACH worden vier verschillende rollen onderscheiden:

  • fabrikanten
  • importeurs
  • distributeurs
  • gebruikers (ook wel ‘downstreamgebruikers’ genoemd).

Grafimedia bedrijven zijn meestal geclassificeerd als ‘downstreamgebruiker’, wat inhoudt dat je je ervan moet vergewissen dat je over actuele veiligheidsinformatiebladen beschikt en de inhoud hiervan in de praktijk naleeft.

Andere belangrijke regelgeving op dit gebied is te vinden in het Europees verdrag betreffende het internationaal vervoer voor gevaarlijke stoffen over de weg (ADR) en in de Richtlijn PGS 15. De Themabrochure Gevaarlijke Stoffen gaat uitgebreid op deze wetgeving in.

Globally Harmonised System of Classification and Labelling of Chemicals (GHS)

Binnen de EU wordt de etikettering van gevaarlijke stoffen gelijk getrokken. Dat leidt tot het Globally Harmonised System of Classification and Labelling of Chemicals (GHS). Op den duur moeten alle stoffen worden ingedeeld, geëtiketteerd en verpakt volgens het GHS-systeem.



Verder bladeren

[Lees verder]