Aanmelden

Gebruik van organische oplosmiddelen in de Zeefdruk

In dit thema-document vind je een praktische richtlijn met betrekking tot het gebruik van organische oplosmiddelen in de zeefdruk. De richtlijn is weergegeven in de vorm van een controlelijst en is bedoeld om een voor de medewerkers in zeefdrukkerijen gezonde werkatmosfeer te kunnen waarborgen.

Om in dit kader de werksituatie met behulp van de controlelijst te beoordelen moeten alle vragen beantwoord worden. Ten aan zien van de uitkomst ervan het volgende:

  • Indien alle vragen met “ja” beantwoord kunnen worden, mag men ervan uitgaan dat de blootstelling van de medewerkers aan oplosmiddelen onder de daarvoor geldende grenswaarden blijft.
  • Indien één of meer vragen met “nee ” moeten worden beantwoord, is het bescher-mingsniveau mogelijk onvoldoende en:
    • moet men t.a.v. de vragen welke in de kolom nee(I) zijn aangevinkt, alsnog maatregelen treffen om hieraan te voldoen. Het gaat hierbij om vragen welke gebaseerd zijn op concrete wettelijke voorschriften waaraan zondermeer voldaan moet worden. Bijvoorbeeld voorlichting en onderricht.
    • mag men t.a.v. de vragen die in de kolom nee(II) zijn aangevinkt ook door middel van een andere beoordelingswijze (bijv. metingen of m.b.v. het programma Stoffenmanager) aantonen dat de situatie toch voldoet.


N.B. De zwart gearceerde vakjes in de checklist kunnen niet worden gebruikt om een vraag met „nee‟ te beantwoorden.


Voor nadere informatie omtrent de grondslagen waarop de richtlijn / controlelijst is gebaseerd wordt verwezen naar het bijbehorende document “Onderbouwing richtlijn / controlelijst: gebruik van oplosmiddelen in de zeefdrukindustrie“.

Afsluitend wordt gewezen op de wettelijke verplichting inzake de arbeidshygiënische strategie welke bij het treffen van maatregelen moet worden gevolgd.

De arbeidshygiënische strategie houdt in dat arboknelpunten in eerste instantie bij de bron (1) moeten worden aangepakt, zodat de oorzaak van het probleem wordt weggenomen (bijvoorbeeld: het gebruiken van een minder schadelijke stof bij het reinigen van gereedschap). Wanneer aanpak bij de bron niet mogelijk is, kunnen andere maatregelen worden genomen: technische maatregelen(2) (afscherming, ventilatie) en als dit ook niet kan: organisatorische maatregelen (3) (rouleren, zodat de blootstelling minder lang is). Op de laatste plaats - in principe als tijdelijke noodmaatregelen, totdat betere oplossingen voorhanden zijn - moeten Persoonlijke Beschermingsmiddelen (4) (PBM‟s) verstrekt worden.


Inhoudsopgave


Geldigheidsdomein

Controlelijst

Hoe nu verder?